FAQ
SBV ZUIDLAREN

Hier vind u een overzicht van de meest voorkomende vragen aan onze vereniging.

FAQ

SBV kent momenteel vier vormen

  1. Recreatief (Libre spel over 20 beurten)
  2. Bandstoten
  3. 3-Banden
  4. Teamcompetitie (Libre gespeeld door drie teams

meer info zie Over ons

Begin van een partij

Volgens de spelregels moet men voor de afstoot ‘trekken’ om te bepalen wie de aanvangsstoot moet doen.

Dit heeft echter niets te maken met de trekstoot. De twee witte ballen worden op de hoogte van de benedenacquits (of op de ‘afstootlijn’) gelegd.

Beide spelers stoten nagenoeg gelijk, ieder met een witte/gele bal, naar de korte bovenband.

De speler van wie de bal het dichtst bij de korte benedenband terechtkomt, mag kiezen wie de afstoot moet doen.

De biljarter die de acquitstoot neemt (of moet nemen), heeft gedurende de hele partij de ongemerkte witte bal, zijn tegenspeler de gemerkte witte of gele bal.

Voor de afstoot worden de ballen als volgt neer gelegd. De rode bal op het bovenacquit, de gemerkte bal van de tegenstander op het benedenmiddenacquit en de eigen speelbal (de ongemerkte bal) naar keuze op het linker- of rechterbenedenacquit.

De speler die de partij niet begint, krijgt aan het eind van de partij de zogenaamde gelijkmakende beurt.

Heeft de speler die het eerst is begonnen als eerste het noodzakelijke aantal beurten (20) gespeeld, dan mag de andere speler de nastoot hebben, omdat hij een beurt minder heeft gehad. In dat geval worden de ballen voor hem op de acquits gelegd.

Carambole

De speler moet met zijn bal de beide andere ballen raken. Dat noemen we een carambole. Hij mag doorspelen zolang hij caramboles blijft maken.

Lukt dat niet, dan is de tegenspeler aan stoot. Men mag niet verder spelen of een reeds gemaakte carambole tellen, als men stootte en alle ballen stil lagen.

Een eventueel gemaakte carambole is ongeldig als de speler niet minstens de tenen van een voet op de grond hield.

Speelt men met de verkeerde bal, dan is de gemaakte carambole niet geldig en gaat de tegenstander met de dezelfde bal verder.

Als in een wedstrijd een van de spelers tot op vijf caramboles van het einde van de partij is gekomen, zal de arbiter dit bekend maken (’annonceren’) door ‘en nog vijf’ te roepen.

Vastliggen van de ballen

Als de stootbal vastligt tegen een van de andere ballen, dan kan een speler kiezen: de ene mogelijkheid is herbeginnen met de acquitstoot,

de andere is naar de vrijliggende bal spelen of een losse-bandstoot maken. Bij de laatste mogelijkheden mag de speelbal de vastliggende bal bij het stoten niet laten bewegen.

Het uitspringen van een bal

Als een van de drie ballen van het biljart wordt gestoten of de houten omlijsting raakt, wordt dit als een fout beschouwd. Is een bal buiten het biljart beland na het caramboleren,

dan wordt de carambole als ongeldig beschouwd. Deze regel geldt ook als een bal slechts over de rand rolt en daarna terugkeert op het biljart.

Uw beurt is voorbij en uw tegenspeler moet met de acquitstoot beginnen.

Toucheren

Onder toucheren verstaat men het aanraken van een van ballen – door welke oorzaak ook – met de hand, keu, das, kledingstuk (jaspand) of welk voorwerp ook.

De speler die een bal toucheert, is zijn beurt kwijt en zijn tegenstander mag verder spelen. Is een bal door het aanraken verplaatst, dan moet hij blijven liggen waar hij terecht is gekomen.

Biljarderen

Hieronder verstaat men dat de pomerans van de keu nog met de speelbal in contact is als de speelbal de tweede bal of een band raakt.

In dit geval is de (eventuele) carambole ongeldig en is de tegenspeler aan de beurt.

Sportiviteit

Sportiviteit is niet in regels en voorschriften te vangen. Er zijn duizend en een manieren te bedenken waarop u uw tegenspeler uit zijn rust en concentratie kunt brengen, sommige spelers kunnen nu eenmaal hun verlies slecht verwerken en reageren dat op hun tegenspeler af. Voor al die situaties kan men geen regeltjes bedenken.

  • Daarom geven we een tiental grondregels waar u zich in elk geval aan dient te houden.
  • Wees altijd sportief, ook als u verliest
  • Waardeer het spel van uw tegenstander (toon ook interesse als u niet aan de beurt bent)
  • Ga tijdens de wedstrijd niet in discussie met de teller over de vraag of een bal goed of fout was
  • Vraag aan de teller of hij nogmaals wil beoordelen of een bal vastligt
  • Houd uw eigen concentratie vast en verstoor die van uw tegenspeler nooit
  • Blijf altijd beheerst, niet praten, schelden of stampen met de keu
  • Wanneer u tijdens een wedstrijd naar het toilet moet, laat dan eerst uw tegenstander uitspelen. Bent u aan de beurt, laat dan de arbiter zeggen dat u eerst naar het toilet gaat
  • Ga, nadat uw beurt voorbij is, altijd op uw stoel zitten. Blijf niet bij de tafel staan
  • Neem uw krijtje mee naar uw zitplaats wanneer uw beurt voorbij is

Bandstoten

In tegenstelling tot de overige spelsoorten wordt bandstoten (en ook driebanden) zonder verboden zones gespeeld.

Hier mag men caramboles maken zoveel men kan, op voorwaarde dat de speelbal steeds tenminste één band raakt, alvorens men de tweede bal raakt.

Het raken van die band kan op elk moment voor of na het raken van de

tweede bal geschieden, mits dit maar gebeurt voor het raken van de derde bal.

Bij het driebanden is een carambole geldig, als voldaan is aan de regels voor het libre en als de speelbal, voordat de 3e bal is geraakt, tenminste drie maal een band heeft geraakt. Het mag meer malen dezelfde band zijn. Er zijn geen verboden zones bij het driebanden.

Uitspringende bal(len) bij een driebandenpartij:

Als bij het driebanden een bal uitspringt wordt de speler afgeteld en de uitgesprongen bal, nadat deze is schoongemaakt, geplaatst op het voor die bal geldende acquit en wel als volgt:

  • de rode bal op het bovenacquit; 
  • de oude speelbal op het middenacquit;
  • de nieuwe speelbal op het benedenacquit.

Indien het voor de uitgesprongen bal aangewezen acquit bezet is of versperd wordt, dan wordt die bal geplaatst op het acquit van de bal welke het acquit verspert.

Het raken van een van de ballen met de (houten) omlijsting van het biljart, wordt beschouwd als een uitgesprongen bal.

Vastliggende bal(len) bij driebanden:

Bij driebanden heeft de speler bij vastliggende ballen de volgende

keuze mogelijkheden:

  1. Spelen via de niet vastliggende bal of via een of meer andere banden dan de vastliggende band;
  2. Losspelen van zijn speelbal via een "kopstoot".
  3. Het op de acquits laten leggen van de speelbal en de vastliggende bal.

Eventueel alle ballen, als de speelbal tegen beide andere ballen

vastligt en wel als volgt:

  • de rode bal op het bovenacquit 
  • de speelbal op het benedenacquit 
  • de andere bal op het middenacquit

Indien het voor de vastliggende bal aangewezen acquit bezet is of versperd wordt, dan wordt die bal geplaatst op het acquit van de bal die het acquit verspert.

Biljarten in Zuidlaren voor ouderen. Elke middag kunnen ouderen recreatief en in wedstrijdverband de biljartsport beoefenen.

Adres

Veenplasweg 3-A

9471 RA Zuidlaren

+31 (0)50 409 30 98

Biljart Tijden

Vrij biljarten:

Maandag 13:00 - 17:00 uur
Woensdag 13:00 - 17:00 uur
Donderdag 13:00 - 17:00 uur

Bandstoten / 3-Banden om de 2 week na opgave begin seizoen:

Dinsdag 13:00 - 17:00 uur

Competitie thuiswedstrijden van 3 teams:

Vrijdag 13:00 - 17:00 uur

© 2026 Created by SBV